In 2010: lokale communities online!

Deze column verscheen in Streek, en zegt iets over de plannen van 2010.

(text van een column voor GUUS in Streek, blad van Netwerk Platteland)

Het is 2012. Het gebied Meentgeest heeft een Streeksite. De Streeksite biedt de gemeenschap, bestaande uit bewoners, verenigingen, scholen en zorginstellingen en ondernemers, een online thuisbasis. Het is ook een platform voor regionale en lokale initiatieven. De streeksite maakt gebruik van de principes van een online community maar dan rond een geografische, heuse gemeenschap.

De streeksite, het online platform van de community van Meentgeest, kun je zien als een online buurtcafé. Wie wil weten wat er speelt of goede gesprekken over de regio wil komt naar de streeksite. Een zzp-er uit de streek, laten we zeggen Floor, is de waardin van het cafe. Ze maakt het gezellig, zorgt dat de boel een beetje netjes blijft en ziet toe op de huisregels. Iedereen is welkom en hoewel veel bezoekers eerst stilletjes luisteren, rollen velen na verloop van tijd vanzelf in de discussies.

Floor treedt op als community manager en kennismakelaar. Voortdurend scant ze online conversaties, op zoek naar meerwaarde door kennisdelen of door contacten te leggen tussen bewoners, ondernemers en organisaties. Ze vertoeft online veel op de streeksite zelf, maar houdt ook haar antennes gespitst op het web elders. Floor brengt de pareltjes van samenwerking naar de voorpagina van de streeksite.
De site draait goed, veertien samenwerkingsgroepen, een Leaderproject en meerdere kleine projecten gebruiken de site als hun online thuisbasis. Deze clubjes huren bij wijze van spreken een zaaltje in het café. Zij sparen een eigen website uit en betalen een vergoeding voor het platform en de diensten van Floor. Ook de Gemeenten uit de Meentgeest betalen voor het publiceren van hun mededelingen; ze hebben belang bij het goede bereik wat de streeksite weet te halen.
De streeksite is echt gaan lopen toen de provincie onderzoek wilde doen naar landschapsbeleving. Via de streeksite werden contacten gelegd met bewoners en discussies -zowel online als in een zaaltje- georganiseerd. Sindsdien betaalt de projectgroep een soort huur aan de Streeksite voor het doen van onderzoek via en met de community. Ook de regioTV en de regiojournalistiek werken nauw samen met de streeksite.

Het is opvallend te zien dat de online activiteiten de echte dynamiek versterkt. Zo is er maandelijks een openkoffie waar mensen elkaar ontmoeten. Allerlei ideeen hebben een soort vliegende start omdat er via de streeksite al een basis is gelegd. 

In veel plattelandsgebieden in Nederland werken streeksites via hetzelfde principe. Handig. Een overkoepelende portal/blog op www.GUUS.net voor heel Nederland heeft de functie van denktank voor het platteland.

Het is nog niet zover. Maar in 2010 gaan we met GUUS werken aan ’streeksites’. Meedenken of meedoen? Graag. email mij

GUUS-tival: online leren over web2.0 en platteland

UPDATE per 19 januari: er zijn al bijna 100 geinteresseerden, daarom is inschrijven niet meer mogelijk. Voor wie nog interesse heeft: De kans is groot dat er herhalingstrajecten komen, volg deze blog!

Heb je het gevoel dat er meer met web2.0 kan, maar kom je er steeds niet toe het te gaan doen? Probeerde je al dingen maar blijkt de meerwaarde maar niet? Wil je meer mensen ontdekken online, die relevant voor je zijn?

“Wij van GUUS” hebben ervaren dat web2.0 zinvol kan zijn voor je werk, voor je omgeving. We denken zelfs dat strategisch gebruik van web2.0 door meer mensen die het platteland een warm hart toedragen zinvol is voor het nederlandse platteland. Daarom steken we graag anderen aan.

Om te leren, te ervaren én te onderzoeken “Web2.0, wat kan ik er mee?” starten we een online leertraject, gedurende de hele maand februari.

Doel
Het leren, ervaren en onderzoeken: “Web2.0, wat kan ik er mee?”
Daarbij steken we in op zinvolle inhoud rond plattelandsthemas die deelnemers inbrengen, én op het bouwen en koesteren van een relevant netwerk.

Hoe
Een aanstekelijk, open leertraject rondom plattelandsontwikkeling en web2.0. Bestaande uit:

* een intensief online traject,
* een fysieke ontmoeting tussen deelnemers aan het eind van het traject, en
* als concrete output een publicatie over Platteland 2.0.

Deelnemers
GUUS-leden, mensen vanuit Netwerk Platteland (o.a. uit de Leader gebieden, en ambtenaren van gemeente & provincie die actief zijn op gebied van plattelandsontwikkeling), leden van ‘NBvP / Vrouwen van Nu’, en andere mensen die willen aanhaken.  (bijvoorbeeld betrokken plattelanders, ‘groene’ studenten, vanuit LTO, LNV, DLG, etcetera.)

Output
Actieve deelname zal opleveren: nieuwe en versterkte contacten, web2.0 vaardigheden en veel ideeën voor je werk en (potentiële) samenwerkingsverbanden rond thema platteland.

Opzet
Het leertraject loopt gedurende de hele maand februari (4 weken). Als curriculum dient materiaal voor online workshops over knowledge sharing en knowledge management, gericht op web2.0, bewerkt voor de nederlandse plattelandscontext. Twee facilitatoren gaan zich inzetten om er zowel op groepsnivo als voor individuele deelnemers alles uit te halen. Van deelnemers wordt een inzet van circa 5 uur per week verwacht, flexibel te besteden. Elke deelnemer werkt met de tools die het beste passen bij zijn of haar doelen; bijvoorbeeld blogs, LinkedIn, Twitter, Guus.net, ning. De facilitatoren geven feedback, coaching, delen eigen ervaringen en helpen met het weven van verbindingen tussen verschillende platforms, en het zichtbaar maken van de community in zijn volle breedte.

Wat heb je nodig?

  • Inzet   ~Het leertraject is relatief vrijblijvend en ook flexibel –men geeft een eigen invulling– maar geldt dat hoe actiever deelnemers zich inzetten, des te meer waarde men creëert.
  • Geen voorkennis   ~wel leergierigheid en bereidheid om erin te duiken.
  • Tijd   ~zoals gezegd, een gemiddelde inzet van 5 uur per week is een goede richtlijn. We gaan er van uit dat mensen zowel op hun werk als thuis hieraan tijd besteden. Bijvoorbeeld overdag deelnemen aan een teleconferentie en ’s avonds thuis een blogpost schrijven.
  • Een computer met goede Internet verbinding.

Weet je al veel van web2.0?
Ook dan heeft het nut aan te haken! Je kunt op je eigen nivo aan de slag. Het gaat behalve om skills ook om het samen ontdekken wat we kunnen met web2.0.

Unconference
Aan het einde vindt een afsluitende tweedaagse unconference plaats, genaamd GUUStival. De ontmoeting is gericht op het naar boven halen en uitwerken van vragen, ideeën en kansen voor samenwerking die deelnemers met zich meedragen.

Kosten
Aan deelnemers wordt een vergoeding gevraagd, onder andere om de verblijfskosten tijdens de unconference te dekken. Verder geldt: “(bijna) Gratis, maar niet goedkoop”. Oftewel, dankzij financiers is dit traject per deelnemer financieel gezien heel toegankelijk. Dat past ook bij de doelen en bij web2.0. Het betekent níet dat er niks van ons verwacht mag worden. Omgekeerd verwachten wij heel wat van de deelnemers.

Wil je meer informatie of deelnemen?

stuur een mailtje
een reactie in de comments kan natuurlijk ook

Nieuwsbrief GUUS december

‘Lokaal’ is de nieuwe niche. Dat geldt voor media, diensten, en produkten. GUUS gaat in 2010 -naast de bekende aanpak- werken via een gebiedsgerichte aanpak. Daarom een verkenning van ‘lokaal’.

Lokale Media

Het is van alle tijden: Mensen vertellen elkaar het nieuws van de straat, hun eigen straat, via hun sociale cirkels. Sinds web2.0 kunnen amateur ‘verslaggevers’ makkelijk en goedkoop publiceren en een lezerschap opbouwen. Zo gaan lokale gemeenschappen online; er ontstaan lokale culturele kalenders, het lokale nieuws, lokale aggregator sites.

Uit Groot Brittanie komt een uitleg voor ‘lokale gemeenschapssites‘: Een voice op het web kan gemeenschappen (buurten, wijken, regios) helpen om hun kracht te vinden en in beweging te komen. Mensen raken daardoor in staat om zichzelf te organiseren voor actie voor de leefomgeving. Het web kan helpen om elkaar te vinden, om een gezamelijke stem te laten horen, letterlijk en figuurlijk om iets op te bouwen.

(hier hoor je ‘locals’, mensen uit wijken, vertellen wat het Internet voor hun omgeving betekent. (4.24 min, Engels))

Ecosysteem van media

In de VS is nu een trend waar te nemen dat grote mediabedrijven geinteresseerd zijn in lokaal, of zelfs ‘hyperlocal’: ze kopen de bedrijven achter lokale verzamelsites. Waarom grote media bedrijven interesse hebben in deze lokale sites? Het heeft allemaal te maken met het ecosysteemmodel voor media: waar nieuws via blogs, social media en filters uiteindelijk bij de oude media komt. De oude media treden op als onze gidsen in de info-jungle, maar heel vaak is de bron te vinden op amateur blogs, Twitter, en plaatselijke sites.

De oude media, en zeker de lokale kranten, kunnen zich lang niet de uitgebreide redactie veroorloven die nodig zou zijn om alles te verslaan, dus de plaatselijke sites zijn een buitenkans voor ze.

Toch mislukken ook veel lokale sites. Wat is er nodig voor succes? Een veelvoorkomende fout is dat sites niet lokaal genoeg zijn. Ongeveer 50.000 mensen zou (in een stedelijke context) ideaal zijn. Beperking, zowel wat betreft onderwerp als wat betreft lokatie, is dus belangrijk. Omdat het gaat om een online én offline community is het nog belangrijker dan bij een niet-lokale site dat de mensen die het hart vormen “echt” en betrokken zijn.

Lokale Diensten

Lokale online communities zijn natuurlijk ook de plek bij uitstek om een loodgieter of een babysitter te vinden. Op LinkedIn, Flickr en elders zie je geografisch bepaalde groepen ontstaan waar zzp’ers en MKB bedrijven netwerken. Lokatie, afstand tot elkaar, doet er toe ~en dat lijken we te herontdekken na een ‘viering’ van het feit dat afstand via het web overbrugd kan worden.

Nu steeds meer mensen Internet meenemen in hun broekzak via smartphones, gaan location based services belangrijker worden. Je telefoon geeft het antwoord op de vraag: “Waar ben ik hier, en wat kan ik hier doen?” Zelfs lokatie gebaseerde interactieve games in een ‘augmented reality’, een soort projectie op de echte omgeving, komen eraan.

Lokatie specifiek adverteren speelt hierop in. Platteland op de kaart deed het al, nu gaat dagblad Trouw experimenteren met locatiespecifiek adverteren. Projecten, organisaties en bedrijven kunnen voor een bedrag vanaf 100 euro zichzelf -letterlijk- op de kaart zetten. De “klimaatkaart” naar aanleiding van Kopenhagen toont deze punten, waar extra content van de adverteerder (fotos, video of text) aangehangen kan worden. Na de klimaatkaart wordt dit experiment uitgebreid naar de natuurtochten van Trouw en het regionieuws van Trouw.nl/indebuurt. (Cliptoo is het bedrijf hierachter)

Lokale Produkten

Produkten uit één bepaalde streek, zoals Waddengoud of Vantosse kenden we al. Deze zijn duidelijk in opmars en hebben een professioneel imago aangemeten. Ook interessant: voedsel van dichtbij, local sourcing. Weinig foodmiles, seizoensgebonden, lekker vers en echt. Willem&Drees doen erin.

Nieuwe mogelijkheden voor lokaal sociaal ondernemen?

Omdat er natuurlijk een verband is tussen de lokale media enerzijds, en lokale diensten en produkten anderzijds, zijn nieuwe soorten business modellen denkbaar voor lokale media. Daarnaast is er nog een belangrijk factor: lokale kennis. Kunnen lokale community sites sociaal ondernemen combineren met het benutten van lokale kennis voor ontwikkeling van de leefomgeving ?

Gelinked op GUUS.net
Het voorgaande -plus veel meer- is te volgen door zo nu en dan een oog te werpen op wat door GUUS gelinked wordt. GUUS is een goede gezamelijke antenne om het discours te volgen. Volg op guus.net wat andere GUUSsers voor u ontsluiten en deel zelf ook mee. Lees hier hoe u ook kunt gaan taggen.

Twitter en GUUS
GUUS op Twitter is @GUUSnet. Op Twitter volgt GUUS bijna 200 mensen die iets met platteland hebben. Ze sturen berichten door, soms verwijzen die naar interessante sites, soms vormen ze een soort ‘backchannel’ op het meer officiele debat op de plaatsen hierboven en soms ontstaat een geheel eigen debatje. Ook hier is het doel kennis te delen en mensen te verbinden. GUUSnet op Twitter kiest handmatig (meestal door @josien) relevante berichten van echte mensen en re-tweet die. (de RT staat voor Re-Tweet, de @xyz laat zien dat de oorspronkelijke zender xyz was). Tweets die relevant zijn voor ‘platteland’ worden zo verspreid naar de volgers van GUUSnet op Twitter. Dus word je ge-retweet, dan is dat altijd met goede bedoelingen.

Door ook een Twitter account aan te maken en @GUUSnet te volgen kun je relevante nieuwe mensen ontdekken. Die kun je zelf gaan volgen, zo ontstaan dwarsverbanden.

Tot ziens online!

Najaarsdag Netwerk Platteland

Vol verwachting kijk ik uit naar de najaarsdag van Netwerk Platteland. Vanmiddag mag ik een workshop geven over web2.0. Ik zal betogen dat de nieuwe manieren waarop mensen elkaar vinden, ontmoeten en samenwerken iets verandert. Nieuwe patronen voor organisatie en communicatie.

Maar dat die nieuwe mogelijkheden het meest zin hebben als we ze benutten voor wat er toe doet voor ons: de eigen omgeving, de mensen die we al kennen, ons eigen netwerk. Het vertrouwde weefsel van contacten en communicatie wat ons voorziet van informatie en waarbinnen we opereren om dingen gedaan te krijgen.

De titel van mijn verhaal is:”Vertrouwd weefsel, nieuwe patronen”

 

Hier zijn de slides