
Lage prijzen in de landbouw, met name tuinbouw (komkommer, paprika) en melk, zorgen ervoor dat de produktie keten en de waardeverdeling tussen boer, verwerker, super en consument goed onder de loep genomen wordt.
Duidelijk is dat de boer op dit moment te weinig krijgt, maar wie meer moet gaan betalen is niet duidelijk.
De een (JDvd Ploeg, veel boerenorganisaties maar niet LTO, Harmen Treur in NRC, Frank Verhoeven) zegt: reguleren, want landbouw, het produceren van voedsel, werkt nu eenmaal anders dan andere produkten. De markt kan niet zorgen dat de kosten voor zorg voor omgeving en dierwelzijn voldoende “ingebouwd” worden.
Het heersend WTO en EU landbouwbeleid en anderen (LTO, Krijn Poppe) zeggen: reguleren zorgt ervoor dat we dingen blijven produceren die we goedkoper élders kunnen produceren. Je bent uiteindelijk duurder uit. Het gaat je opbreken want we zijn een sterk exporterend land. Daarbij, als je landbouw reguleert gaan anderen hun markt afschermen en dat is schadelijk voor industrie en diensten.
Dick Veerman van Foodlog wijst op een ander fenomeen. Is er sprake van een foodbubble, een waterhoofd richting het einde van de keten?
Veerman:
“Het grootste deel van de kosten van onze voeding zit niet meer in die voeding zelf of de verwerking ervan, maar in ontwikkeling, marketing, logistiek, verpakkingen en verkoopkosten. (…) Aan de productiekant zorgt schaalvergroting voor grote volumes -van enorme eenzijdigheid. In de verwerking wordt daarom gedifferentieerd binnen zoveel mogelijk dezelfde processen om ook daar zo groot mogelijke volumes te kunnen draaien. Door de kosten- en winstcumulatie aan het einde van de keten, wordt deze luchtbel steeds groter. Want wie wil er nou nog echt geld steken in het begin van de keten? De foodbubble maakt het voor levensmiddelenfabrikanten noodzakelijk om verder te differentiëren. Het zorgt voor omzet aan hun kant van de streep.” (lees meer in het volledige interview of de discussie)
Duidelijk is dat extra alternatieven voor afzet naast de supers welkom zouden zijn. Er is een trend(je?) om de band tussen consument en producent aan te halen. Foodprint (oa Onno) pleit voor voedsel, misschien zelfs varkens in de stad, Drees voor lokaal lekkers van de boer, Dick voor een boerensuper.
De boerderijverkoop, al dan niet via automaten langs de weg, wordt door Dorine belicht.
Het belang van de landbouw is relatief, want zelfs voor het platteland is landbouw maar een kleine economische drager of werkgever. Voedsel is slechts een van de banden tussen land en stad. .. maar voedsel raakt ons allemaal. Er zitten fundamentele keuzes achter de waardeketen discussie: hoe organiseren en financieren we oude én nieuwe functies van het platteland?
Gelinked op GUUS.net
Al het bovenstaande is door GUUS gelinked. GUUS is een goede gezamelijke antenne om het discours te volgen. Volg op guus.net wat andere
GUUSsers voor u ontsluiten en deel zelf ook mee. Lees hier hoe u ook kunt gaan taggen.
Twitter en GUUS
GUUS op Twitter is @GUUSnet. Ook hier is het doel kennis te delen en mensen te verbinden. GUUSnet op Twitter kiest handmatig (meestal door
@josien) relevante berichten van echte mensen en re-tweet die. (de RT staat voor Re-Tweet, de @xyz laat zien dat de oorspronkelijke zender xyz was).
Tweets die relevant zijn voor ‘platteland’ worden zo verspreid naar de volgers van GUUSnet op Twitter. Dus word je ge-retweet, dan is dat
altijd met goede bedoelingen.
Door ook een Twitter account aan te maken en @GUUSnet te volgen kun je relevante nieuwe mensen ontdekken. Die kun je zelf gaan volgen, zo ontstaan dwarsverbanden.
Filed under: Uncategorized









Krijn Poppe verduidelijkt hier: http://kjpoppe.blogspot.com/2009/08/grote-combines-revisited.html
De landbouw blijft.
De juiste analogie is met de cafetarias, bakkers en slagers (die het aflegden tegen McDonalds en andere franchiseketens resp. de supermarkten). Die verdwenen wel, maar de bedrijfstak bleef wel degelijk in het land. We kunnen nog steeds frietjes, brood en worst kopen, en ze worden hier ook nog gefrituurd, gebakken, gedraaid.
Kranten en andere media horen dus te schrijven: Reguleren zorgt ervoor dat we dingen blijven produceren die we goedkoper /op een andere manier/ kunnen produceren.
Dat is correct Krijn. Of is het – nog uitgebreider – “reguleren zorgt ervoor dat we dingen blijven produceren die we, op dit moment, goedkoper op een andere manier kunnen produceren”. Op dit moment: met deze aanvulling bedoel ik dat niet reguleren leidt tot verwaarlozing van landbouwgebied dat we over 10 jaar wellicht hard nodig hebben. En tot het niet benutten van productie van biobrandstof omdat de olieprijs op dit moment daar te laag voor is. Overigens denk ik dat er een reguleringsmechanisme mogelijk is op een hoger niveau. Als productie van biobrandstof rendabel is kunnen landbouwers dit als uitlaatklep gebruiken voor overtollige voedselproductiecapaciteit. Daarmee worden dan alle producten gereguleerd indirect. Een politieke keuze. Maar een vergelijkbaar met de arbeidsmarkt. Door de WW-uitkeringen hebben werklozen een menswaardig bestaan, maar eveneens de werkenden. Immers zonder WW gaan werklozen ook voor een hongerloontje aan de gang.